De symfonische muziekpagina's
Door Niels Le Large ©
Terug naar de indexpagina...|
De akoestische beschermengel
Naar aanleiding van een (Engelse) discussie over de kwaliteit van oude grammofoonopnamen werd beweerd, dat de akoestiek van het Amsterdamse Concertgebouw in de jaren zestig of zeventig zou zijn aangetast door het verwijderen van de oude verlichting (lovely old lamps) boven het podium. Een tamelijk onzinnige bewering en bovendien een onbewijsbare stelling. Waarschijnlijk speelde hier een persoonlijk vertekenende terugblik een falsificerende rol.
Even voor de goede orde: elke ingreep, hoe klein ook, beïnvloedt de akoestiek
van een concertzaal. Een frisse verflaag, andere stoelen, toegevoegde ornamenten,
nieuwe gordijnen, elke fysieke verandering draagt bij aan een nieuwe 'formant' en
het Amsterdamse Concertgebouw maakt daarop geen uitzondering. Wat telt is of zo'n
alteratie hoorbaar schadelijk is en daarover wordt al sinds 1888 getwist. Wat die
oude lampen betreft, toen die er nog hingen was er ook nog de Blauwe Zaal. Een
tribuneachtige ruimte achter het middenbalkon die thans is afgesloten. Zo'n
vormverandering van een open holte naar een gesloten achterwand lijkt mij van
een geheel andere orde dan een paar fluwelen lampenkappen. Toch staat mij niet
bij, dat de zaal toen wezenlijk anders klonk. Of neem de verdubbelde hoogte van
de orgelspeeltafel. Die ombouw was weliswaar in overeenstemming met het
oorspronkelijke ontwerp, maar de paukenisten zijn er niet blij mee. Zij krijgen
sindsdien van hun akoestische achtergrond een 'kets' terug en moeten daar de rest
van hun orkestrale bestaan mee leven. Verder, wat weinigen zich realiseren is dat
met de renovatie van 1988 onder het podium een geheel anders gevormde klankbodem
is ontstaan en waar vroeger onder de Grote Zaal slechts een kruipruimte was, ligt
nu een grote betonnen doos als opslagruimte voor instrumenten en zaalstoelen. Is
dat iemand opgevallen? |